<
actueel / nieuws
  • Stadslab Maastricht door Aron Nijs

Interview met Albert Meijer, hoogleraar Publieke innovatie aan de Universiteit Utrecht

06 augustus 2017

Albert Meijer is als hoogleraar verbonden aan het departement bestuur en organisatiewetenschap van de Universiteit Utrecht. Over de bijdrage van stadslabs aan de vitaliteit van steden zegt hij: 'Experimenten in stadslabs hebben pas echt impact als ze zijn ingebed in routines. Als ze niet meer bekeken worden als iets leuks ernaast.'

'Het heeft iets moois als mensen zich voor de eigen buurt inzetten. Als professionals hun capaciteit en expertise daarvoor gebruiken. Je mengt het publieke en het private, en brengt zo het beste van twee werelden bij elkaar. Natuurlijk moet je transparantie waarborgen, belangenverstrengeling voorkomen, maar timmer het niet legalistisch dicht.'

Hij heeft er ook de bestuurlijke termen bij: regulatory niches (waar de regels minder streng gehanteerd worden) en strategisch niche-management of met een mooier woord, beleidsintimiteit: een kleine en veilige omgeving waar iets kan groeien. Belangrijk is vooral de waarde van het idee voor de buurt, benadrukt Meijer. Wat wil het initiatief bereiken en zit er wel iemand op te wachten? Initiatieven moeten aansluiten op de wijk en een publieke waarde hebben.

publieke innovatie
Het onderzoek van Meijer richt zich op de relatie tussen technologie en bestuur. In zijn oratie 'Bestuur in de datapolis: Slimme stad, blije burger?' (2015) ontrafelt hij publieke innovatie.

'In het denken over innovatie is het idee dominant dat je problemen kunt oplossen met slimme oplossingen. Als we de buurt veiliger willen maken, richten we een app-groep op om snel verdachte zaken te melden. Dat is waardevol, maar roept ook vragen op. Wiens veiligheid is dat dan? Van de middenklasse, niet van de jeugd op straat.'

Hij introduceert in zijn oratie het begrip 'Wendbare Publieke Innovatie'. De omschrijving leest als de beschrijving van een stadslab: 'Op een flexibele manier zoeken naar oplossingen die passen bij een lokale context en die gebruikmaken van zowel lokale als generieke kennis (…) Eigen aan Wendbare Publieke Innovatie is ook (…) [het] ontdekken of iets werkt door het uit te proberen en niet door er eindeloos over te praten.'

anarchistisch en stabiel
Succesvolle publieke innovatie kan niet zonder samenwerking tussen overheden, burgers, kennisinstellingen en marktpartijen. Zij moeten ieder op eigen wijze mobiliseren, improviseren, vitaliseren en balanceren.

'Wil een stadslab echt invloed hebben, dan moet het een goede balans creëren tussen de anarchistische inslag en een stabieler functioneren.'


Meijer: 'Wil een stadslab echt invloed hebben, dan moet het een goede balans creëren tussen de anarchistische inslag, de vrijplaats zeg maar, en een stabieler functioneren. Een stadslab heeft naast creatieve, kunstzinnige mensen ook andere karakters nodig. Het kan een stichting met bestuur vormen, of aansluiting zoeken bij gevestigde organisaties, niet per se de gemeente, het kan ook een school zijn bijvoorbeeld.'

Bij innovatie, legt Meijer uit, heb je de hero innovators, Steve Jobs van Apple bijvoorbeeld, en je hebt networked heroism, zoals stadslabs. Je hebt scheppende mensen nodig (creating), mensen die het verhaal kunnen vertellen (framing) en pragmatische mensen die regelen, zorgen dat er geld komt (fixing).

datalogica
'Vitaliseren doen de stadslabs nog te weinig', zegt Meijer. 'Hun bijdrage aan de vitaliteit van de steden zal pas echt tot zijn recht komen als ze zijn ingebed in routines. Als ze niet meer bekeken worden als “iets leuks ernaast”. Ideeën beginnen klein, bottom-up, maar hebben centrale steun nodig om te groeien en zich te verspreiden.'

'Wil je als stadslab invloedrijk zijn, dan moet je inzetten op datalogica van gemeenten. Je moet aansluiten bij het denken van gemeenten over problemen als gezondheid, of duurzaamheid bijvoorbeeld.' Echte innovatie is altijd een combinatie van harde data en zachte kennis, tussen getallen en verhalen. Een interessante strategie voor stadslabs. Via hackatons kun je veel gegevens verzamelen over bijvoorbeeld circulaire economie, vergrijzing en gezondheid. Maar pas als je data confronteert met de lokale verhalen, de zachte kennis, weet je wat je weet. Context is onmisbaar.

Stadslabs doen er goed aan zich te verhouden tot de open-databeweging.


samenwerking en strijd
Stadslabs doen er goed aan zich te verhouden tot de open-databeweging. Welke waarden kun je daaruit halen? Hoe kun je met open data zicht krijgen op vraagstukken?
De overheid van haar kant moet niet alleen initiatieven belonen die zijn gericht op samenwerking, ook van strijd kan een stad profiteren. Stadslabs die strijd opleveren, zoals een lab dat gegevens verzamelt over de luchtkwaliteit in de straat, zijn natuurlijk politiek, zegt Meijer. 'Pragmatische politiek', verwijst hij naar Benjamin Barber, auteur van If Mayors Ruled the World. 'De bereidheid om naar oplossingen te zoeken is op lokaal niveau relatief groot, want het gaat om concrete zaken en geen grote conflicten.'

Nieuwe vormen van burgerparticipatie leiden tot vernieuwing. 'Je ziet de trots op instituties van de verzorgingsstaat afkalven – wie voelt nog trots op pensioenfonds ABP? Tegelijk is het vrij recent dat mensen een deel van het publiek eigenaarschap op zich nemen. Als je vroeger iets wilde in de openbare ruimte diende je een verzoek in bij de gemeenteraad. Nu zeggen mensen: ik doe het gewoon.'

Tekst: Marijke Bovens
Foto: Stadslab Maastricht door Aron Nijs