<
actueel / nieuws

Tips & tricks voor startende ontwerpers

25 april 2016

In maart 2016 organiseerde het Stimuleringsfonds samen met Anne van der Zwaag (directeur OBJECT) voor de derde keer de 3-delige serie masterclasses genaamd 'Cultureel Ondernemen'. De masterclasses richten zich op startende ontwerpers en kleine studio's op het gebied van (vrije) vormgeving. Elke bijeenkomst gaven drie professionals uit het veld tips op het gebied van ondernemen, presentatie en communicatie. De serie masterclasses is één van de manieren waarop het Stimuleringsfonds ontwerpers - naast financieel - ook inhoudelijk ondersteunt bij de professionalisering van hun werkpraktijk.

Het belang van het positioneren van je werk, dat bleek de rode draad in de serie masterclasses van dit najaar. 'Denk goed na over je doelen, je publiek en de unieke kwaliteiten van jouw werk', zegt Anne van der Zwaag. 'Vragen hierover komen namelijk overal terug: in interviews, bij prijsvragen, in subsidieaanvragen, maar ook als je moet kiezen op welke beurs je gaat presenteren. Maak je bijvoorbeeld unica met een verkoopprijs van 8.000 euro per stuk, dan moet je je werk ergens anders presenteren dan wanneer je op zoek bent naar een producent om jouw ontwerp op grote schaal in productie te nemen.'

In deze reeks bespraken we samen met ervaringsexperts waaronder ontwerper Lex Pott, conservator Ninke Bloemberg en communicatiestrateeg Ron Faas het verschil in aanpak als je vrij werk of commercieel werk maakt, de diverse plekken waar je je werk kan presenteren en hoe de positionering van je werk een belangrijk onderdeel uitmaakt van je communicatiestrategie.

Positionering
Ontwerper Lex Pott runt zijn eigen ontwerpstudio en werkt ook in opdracht voor merken als Hay, &Tradition en Forbo. 'Je moet een lange adem hebben, want werken met grote producenten neemt veel tijd', zeg hij. 'Voordat een product ontwikkeld en gedistribueerd is ben je zo één, twee of drie jaar verder. Maar, als je eenmaal royalties binnen krijgt, is dit relatief makkelijk geld verdienen.'
Bedenk ook goed welk ontwerp geschikt is voor welk doel. Lex Pott: 'Je moet je steeds afvragen of iets ofwel geld oplevert ofwel persaandacht. Werk dat heel experimenteel is doet het goed bij de pers, terwijl het de industrie om verkoop gaat en veel minder om jouw verhaal. Bij producenten draait het om een goed object dat (prijs)technisch klopt.' Anne van der Zwaag: 'Het is heel leerzaam om werk in opdracht te maken. Opdrachtgevers zijn kritisch en hebben een andere blik. Dit biedt je de kans jezelf een spiegel voor te houden'. Guus van Maarschalkerweerd, bemiddelaar tussen ontwerpers en designfabrikanten zoals Vitra, Lensvelt, Moooi&Ahrend, bevestigt dit. 'Maar', zeg hij, 'pas op met zomaar je concept op tafel leggen voordat je enige vorm van commitment hebt. En als je het lastig vindt om zakelijk te zijn, zoek dan iemand die dat wel kan. Je hoeft niet alles zelf te doen.'

Ondernemen: vrij werk vs. commercieel werk
'Als je je meer richt op het maken van vrij werk is een samenwerking met een museum of galerie ook een interessante vorm', zegt Lex Pott. 'Soms kunnen zij het ontwikkelen van werk financieren, als zij dat vervolgens mogen tentoonstellen.' Anne van der Zwaag vult aan: 'Het maken van vrij werk en commercieel werk kan goed naast elkaar bestaan. Dit onderscheid kan je bijvoorbeeld ook maken op je website, net zoals veel fotografen dat doen. Het is dan wel belangrijk om steeds de afweging te maken wat je waar voor inzet; voor welk magazine, welke tentoonstelling, welke beurs.' Uit de zaal komt de vraag hoe Lex Pott zelf zijn tijd verdeelt tussen vrij en commercieel werk. 'Negentig procent van de tijd zit sowieso in zaken als communicatie, reizen etc.', vertelt de ontwerper. 'Gemiddeld kom ik slechts één uur per dag toe aan ontwerpen. Ik heb de afspraak met mezelf om twee vrije projecten per jaar te doen.'

Presenteren: waar?
'Als je besluit je werk aan de buitenwereld te gaan presenteren, moet je jezelf drie vragen stellen', zegt Anne van der Zwaag. 'Waarom wil ik op dit moment mijn werk presenteren? Wie wil ik ontmoeten? Wat wil ik er aan overhouden? Dat helpt je te bepalen wat de beste plek is om je werk te presenteren. Je kan bijvoorbeeld een presentatie houden in je eigen studio of atelier. Dit kost geen geld en wordt over het algemeen als sympathiek ervaren. Mensen vinden het leuk een exclusief kijkje achter de schermen te krijgen. Als je autonoom werk maakt zal je in meerdere mate beurzen en galeries nodig hebben om in contact te komen met verzamelaars. Wel is het belangrijk goed af te wegen of het de investering waard is, bij galeries heb je immers te maken met commissies van 50%. Een manier om hierachter te komen is door te kijken aan welke beurzen de galerie deelneemt en of ze bijvoorbeeld in staat zijn om publicaties te maken voor hun ontwerpers. Naast galeries heb je ook agentschappen, zoals Tuttobene, die zich meer op het commerciële netwerk richten. De commissie bij agentschappen ligt vaak lager dan bij galeries.'

Musea
'Als je je werk kan presenteren in een (museum)tentoonstelling geeft dit een bepaalde status aan je werk,' zegt Anne van der Zwaag. Hoe je als jonge ontwerper je werk in een museumcollectie of tentoonstelling krijgt, vragen we aan Ninke Bloemberg, conservator mode bij het Centraal Museum Utrecht. 'Werk komt in de museumcollectie doordat het aangekocht wordt door de conservator, maar soms worden ook commissies gegeven of wordt werk aan het museum geschonken' zegt zij. 'Het is belangrijk om je te verdiepen in het verzamel- en presentatieprofiel van een museum. In Utrecht kijken we bijvoorbeeld naar het experiment met materiaal en moet het werk een duidelijke signatuur hebben. Ook zoeken we altijd naar de link met andere deelcollecties van het museum, de link met Utrecht of de link met 'Collectie Nederland'. De specifieke plannen voor aankomende tentoonstellingen kunnen we helaas niet delen, maar je kan bijvoorbeeld wel eens kijken naar het beleidsplan collectie dat op de museumwebsite staat.'

Communicatie: wees onderscheidend
Ook wat betreft communicatie draait een groot deel om positionering. 'Kijk wat anderen doen, kijk naar de markt en probeer in een paar woorden te formuleren wat jou uniek maakt,' is de tip van Ron Faas van communicatiebureau DieTwee. 'Vervolgens is het belangrijk de waarde van jouw product te vertalen naar je visuele communicatie. Zorg dat je website en fotografie past bij je product.' PR & communicatiestrateeg Maurice Seleky: 'Wees je ook bewust op wie je je richt in je communicatie. Maatwerk kan extra resultaat opleveren.' Met zijn communicatiebureau Novel verzorgde hij onder andere de PR voor fotografiebeurs Unseen, cultuurkaart We are public en Opera Forward Festival van het Nationale Ballet. 'Met Novel zoeken we steeds naar de insteek met de meeste nieuwswaarde. Handig is om te onderzoeken wat de trends en actualiteiten zijn en te kijken of je binnen je werk een 'haakje' kan vinden naar een breder perspectief. Bedenk ook eens wat er interessant is aan jouw werk voor media buiten jouw vakgebied en schrijf voor die media een specifiek persbericht.' Anne van der Zwaag: 'Om je eigen positie te kunnen bepalen en jouw unieke 'selling point' te verwoorden, moet je goed op de hoogte zijn van wat er allemaal speelt in het veld. Bezoek dus veel tentoonstellingen, beurzen en biënnales', is haar advies.

Kortom
Om meer helderheid te scheppen bij alle keuzes die je als startende ontwerper moet maken, kan het helpen eerst duidelijk de positie van je werk te formuleren. Als je duidelijk voor ogen hebt wat de unieke kwaliteit is van jouw werk, helpt dit te bepalen hoe je communiceert naar bijvoorbeeld producenten en pers en hoe je je werk het beste presenteert. Anne van der Zwaag deelt tot slot haar persoonlijke vuistregel bij het maken van dergelijke keuzes: 'Ik kijk altijd naar de drie P's, die staan voor PR, Poen en Plezier. Bij alles wat je doet zou er in ieder geval sprake moeten zijn van twee van de drie P's.'