<
actueel / nieuws

Verslag Research & Design: Positionering van ontwerpend onderzoek

09 november 2016

Ontwerpers werken meestal in concrete opdrachtsituaties. Maar de grote verwachtingen voor ontwerpend onderzoek liggen elders: in de bijdrage aan het oplossen van urgente maatschappelijke vraagstukken. Hoe maak je die potentie van integrale ontwerpbenadering waar? Hoe kies je positie in de vrije ruimte?
Hierover debatteerden ontwerpers, onderzoekers, programmaleiders en publiek op de ochtendsessie Research & Design, georganiseerd door het Stimuleringsfonds op 28 oktober tijdens de Dutch Design Week.

Ontwerpend onderzoek kiest positie
Verslag door Marijke Bovens

De billion-dollar question die moderator Bart Ahsmann (CLICKNL) halverwege de bijeenkomst stelt aan landschapsarchitect Michiel van Driessche, of beter nog het antwoord dat Michiel geeft, biedt een mooi dwarsdoorkijkje door de discussie. Wat Michiel zich zou wensen als hij een ongelimiteerd bedrag tot zijn beschikking had, is een positie aan tafel naast de grote wetenschappelijke en industriële consortia, die nu het onderzoek domineren naar de urgente klimatologische en maatschappelijke kwesties als energietransitie, waterhuishouding, landbouwontwikkeling. Michiel: 'Wij kunnen als ontwerpers heel relevant zijn bij het verbinden van die sectorale systemen, maar als klein bureau wordt onze positie niet geaccepteerd.'

Ook Dick van Dijk, creatief directeur van de Waag Society, zou deze zak geld aangrijpen om vanuit ontwerpperspectief structureel na te denken over grote onderwerpen, bijvoorbeeld de maatschappelijk urgente vraag naar de privacy in het zorgsysteem. Want, merkte hij al eerder op in het gesprek: 'De eerste vraag van een onderzoek mag dan een ontwerpvraag zijn, uiteindelijk gaat het vaak niet zozeer om een product, maar om het vormgeven van een proces, waardoor een organisatie zelf kan innoveren.'

Soorten onderzoek
Het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie gaat de komende beleidsperiode stevig inzetten op de professionalisering van ontwerpend onderzoek en op het versterken van zijn positie, vertelt secretaris Maarten Tas ter introductie op dit debat. Met onderzoek naar methodieken, het bundelen van ervaringen en stimuleren van debat.
Discussie bijvoorbeeld over de plek van ontwerpend onderzoek ten opzichte van wetenschappelijk en toegepast onderzoek, een onderwerp dat in deze ochtendsessie aangesneden werd.

Onderzoeker Egbert Stolk (TU Delft, stedenbouw) relativeert de verschillen tussen de eerste twee. In ieder geval tijdens het onderzoeksproces, waar het bij wetenschappers net zo'n wirwar kan zijn als bij de creatievelingen. Maar, zegt Stolk, de wetenschappers zijn veel minder open over de chaos die het eigen onderzoeksproces is. Zij presenteren het als systematisch.

Hij laat in het midden of dat beter is. Waar ontwerpers van wetenschappers kunnen leren, is het collegiaal evalueren van onderzoeken. Stolk: 'Ontwerpers claimen nieuwe kennis, maar het lijkt soms veel op elkaar. Wetenschap heeft een verfijnd systeem van peer review.'
Op het gebied van ontwerpend onderzoek wordt weliswaar veel onderzoek gedaan naar processen, maar zegt Stolk, we hebben betere woorden nodig om de verbeeldingskant van het ontwerpproces te kunnen 'vangen'.

  • Foto: Max van Kneefel


  • Verbanden leggen
    Een van de sterke punten van ontwerpers is dat zij getraind zijn een breed spectrum te overzien; zij kunnen verbanden leggen en weten hoe ze een divers team experts kunnen inzetten. Zij zijn praktisch en vooral ook in staat om iets te verbeelden.
    Modeontwerper Pauline van Dongen beweegt zich als Phd (TUe, Crafting Wearables) ook in een uitgesproken multidisciplinair gebied. Zij constateert dat technologie het lichaam steeds dichter nadert en onderzoekt de consequenties hiervan voor gebruiker/drager en ontwerper. 'Het maakproces is kijken, analyseren, relateren aan andere disciplines. Steeds nieuwe vragen stellen, nieuwe samples ontwikkelen, expliciet maken wat er gebeurt.'

    Die vrijheid in het onderzoek staat onder druk. Miriam Rasch (onderzoeker bij het Institute of Network Cultures) constateert dat de lectoraten steeds meer in academische hoek gedrukt worden, waarbij je het eindresultaat van onderzoek vooraf precies moet formuleren. Terwijl het in ontwerpend onderzoek juist niet alleen om de antwoorden gaat, maar om de formulering van nieuwe vragen., vult Lucie Huiskens (onder andere programmamanager ArtEZ) aan. Zij benadrukt het belang van vrije ruimte: 'Kijk naar Nobelprijswinnaar Ben Feringa, die ook expliciet vraagt om meer aandacht voor zoekend onderzoek'.

    Ook Eric Frijters (architect en lector Future Urban Regions) wil niet direct doorsteken naar een antwoord. 'Een betere vraag stellen, daar draait het bij ons lectoraat om.' Hij geeft als voorbeeld hun onderzoek naar het metabolisme van de stad in Antwerpen. Eerst analyseren zij hoe goederen, biomassa, afval, energie, mensen, lucht en data zich door de stad bewegen. Kennis over hoe deze stromen de kwaliteit van leven beïnvloeden, helpt het stadsbestuur bij beslissingen om de stad duurzamer te maken.
    'Want', zegt Frijters, 'om de leefbaarheid van de stad te verbeteren moet je soms op andere plekken aan de stad sleutelen dan je op het eerste gezicht denkt.'

    Interventie
    Ontwerpers nemen geen genoegen met de trits beschrijving, analyse, aanbeveling – hen is het uiteindelijk te doen om interventie in een specifieke situatie. Zij willen ingrijpen en vormgeven. 'Waar wetenschap een zware verantwoordingslast heeft in onderzoeken, vastleggen en bevestigen, kan ontwerpend onderzoek veel sneller opereren', zegt Michiel van Driessche, 'en op basis van intuïtie en inschatting handelen.' De bewijslast vooraf is minder zwaar. Eric Frijters: 'Ontwerpend onderzoek is slagvaardig in het ontdekken van nieuwe typologieën, om nieuw gedrag mogelijk te maken.'

    Creatieve sprong
    Het moet genoemd, zegt co-referent Paul Rutten (lector Creative Business): 'De ontwerpsprong is essentieel. Zet drie ontwerpers aan een maatschappelijk vraagstuk en zij komen elk met een andere oplossing. Die creatieve component onderscheidt de ontwerpers van de wetenschappers, ook al kruipen beide groepen onderzoekers steeds meer naar elkaar toe.' Of zoals Pauline van Dongen zegt: 'Wetenschap denkt in concepten, ontwerp is tastbaar, praktisch.'

    Vrije ruimte
    Het ontwerpend onderzoek is vaak gekoppeld aan directe opdrachten van markt, overheid of instituties. Maar de grote verwachtingen voor dit veld liggen elders: in de bijdrage aan het oplossen van urgente en complexe maatschappelijke vraagstukken, op sociaal, economisch, technologisch en milieugebied.
    Hier is het stellen van de betere vragen, de verbeelding om denk- en ontwerpsprongen te maken en het lef om in te grijpen het meest nodig. Het is geen onderzoek dat zich aan concrete opdrachten laat koppelen. Dit onderzoek heeft vrije ruimte nodig. Het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie realiseert zich dat hier een publieke taak ligt en heeft in het komende beleidsplan plaats ingeruimd voor debat, reflectie en kennisdeling over ontwerpend onderzoek. Want juist het Stimuleringsfonds kan hierin bijdragen, sluit Paul Rutten de bijeenkomst af. Niet alleen door financieel en inhoudelijk dit soort onderzoek mogelijk te maken, maar ook door mee te bouwen aan een intellectuele cultuur van het ontwerpvak, als evenknie van de academische cultuur van de wetenschap.
  • Foto: Max van Kneefel

  • Foto: Max van Kneefel