<
actueel / nieuws

What about FREESPACE - Reporting from the Biennale

19 juli 2018

Op donderdag 5 juli presenteerden Het Nieuwe Instituut en het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie een avond met presentaties, gewijd aan de bijdragen aan de Biënnale van Venetië 2018. De avond vormde het slot van een serie lezingen, open calls en discussies over de Biënnale en het thema van de Biënnale: FREESPACE. De cyclus ging in oktober 2017 van start tijdens de Dutch Design Week met lezingen over de open oproep van het Stimuleringsfonds, getiteld Work, Body, Leisure. De grote verscheidenheid aan lezingen, workshops, publicaties en bijdragen aan de Biënnale van Venetië vormde de inspiratie voor een permanente dialoog over de maatschappelijke impact van architectuur, design en de creatieve industrie.

Tekst door Lara Schrijver

zintuiglijkheid
De Biënnale bood dit jaar een brede schakering aan zintuiglijke ervaringen, van beeldtaal die de toeschouwer verleidt en verlokt, tot installaties waarbij de materialiteit sterk de nadruk heeft. De meeste objecten ontlokten een onmiddellijke en instinctieve reactie, directer en dwingender dan het theoretische kader van de verschillende installaties. Ondanks de zorgvuldig gedefinieerde bedoelingen van de curatoren overheerste de zintuiglijkheid. Het is dan ook verleidelijk om deze Biënnale, die je meevoert en uitdaagt, te beschouwen als een puur esthetische ervaring, die dus juist wegvoert van de maatschappelijke en politieke problemen waar de wereld momenteel voor staat. Want als ze zo gericht is op de zintuiglijkheid, hoe zou ze dan een kritische blik op de samenleving kunnen bieden?

Niets is echter minder waar. Het is juist de bedoeling van Grafton Architects met FREESPACE om mensen met hun omgeving te verbinden op een manier die zorgt voor een diepere onderlinge verbondenheid. Het idee is dat problemen eenvoudiger zijn op te lossen als de omgeving uitnodigt tot observatie, verbindingen en menselijkheid. Maar wat nog belangrijker is, is dat FREESPACE de toeschouwers in staat stelt om hun eigen vragen te stellen en hun eigen conclusies te trekken. Deze ruimten wekken een gevoel van verbondenheid bij de toeschouwers die ze meevoert en aanzet tot verdere verkenning en zo nieuwe perspectieven aan het licht brengt.

verschillende perspectieven op FREESPACE
Deze onderstroom verbond de deelnemers van de avond. Iedere bijdrage bood een eigen visie op de materiële, artistieke en maatschappelijke interpretatie van FREESPACE, van de filmopname van een dansvoorstelling tot een studie van Ierse marktpleinen als een model voor sociale cohesie. De verschillende perspectieven vormden een brug naar de bespreking van de kwesties die de curatoren in hun uiteenzetting over het thema FREESPACE naar voren hadden gebracht. Dit gaf het gesprek een duidelijke structuur. De discussie na afloop van de zes presentaties was noodzakelijkerwijs kort, maar de vragen voor de toekomst die uit het programma konden worden opgemaakt, waren: hoe kunnen architectuur en design een rol spelen in het aanpakken van maatschappelijke problemen, of deze zelfs herpositioneren? Hoe kunnen designvoorstellen verborgen sociale mechanismen aan het licht brengen? Hoe kan onze bebouwde omgeving onze vooroordelen ter discussie stellen, of onverwachte verbindingen bevorderen?

'Wat brengt ons samen, welke verbindingen lopen er tussen mensen, plekken en steden?'


Na een korte inleiding over de samenwerking van het Stimuleringsfonds en Het Nieuwe Instituut, begon het hoofdprogramma met een film van 10 minuten van Make Move Think. In de film was het verhaal en de opname van een dansuitvoering te zien die in het openingsweekend van de Biënnale was opgevoerd: een danser op een kade, fragmenten van poëzie op de achtergrond en af en toe een stem die vertelt over de kwaliteiten van Venetië. Tijdens de film was het publiek opvallend stil – het kalme en gestage ritme van de film werd weerspiegeld door het publiek. Het is misschien ongewoon om een uitvoering als deze op te nemen in de Biënnale, maar deze uitvoering raakt wel de kern van FREESPACE. Wat brengt ons samen, welke verbindingen lopen er tussen mensen, plekken en steden? Het concept van een lichaam in een ruimte is een van deze elementen die architectuur en dans met elkaar verbinden, en rechtvaardigt de opname van deze dansuitvoering in de Biënnale dus volledig. Bovendien stelde deze film expliciet de aanname ter discussie dat een directe en fundamentele verkenning van het materiële en het artistieke aspect beschouwd kan worden als een vlucht voor de traditonele vormen van academische reflectie, en dus als een manier om het kritische discours te omzeilen.

Alle presentaties van de avond – vier paviljoens, één installatie in het centrale paviljoen, en één opname van een dansuitvoering – boden ruimte om de scheidslijn tussen het materiële en het intellectuele aspect te heroverwegen. Zelfs met de brede variatie aan onderwerpen – hoe veel heeft een dansuitvoering gemeen met een manifest over natievorming, of met de documentatie van marktpleinen op het platteland? – werden de onderliggende overeenkomsten steeds duidelijker naarmate de avond vorderde. Bij de meeste projecten was er sprake van een verkenning van (stedelijke) ruimten vanuit meerdere perspectieven, met de nadruk op zowel de sociale als de formele kenmerken.


  • Na de film presenteerde Traumnovelle zijn installatie voor het Belgische paviljoen, een EU-blauwe cirkelvormige tribune die de architecten hadden ontworpen naar aanleiding van hun vraag hoe architectuur onderdeel kon worden van een politiek project. Hun installatie, die het midden houdt tussen utopie en een fictieve toekomst, inspireerde één bezoeker zelfs om een dans op Instagram te zetten. Het Nederlandse paviljoen, met Marina Otero Verzier als curator, bestond uit een feloranje kleedkamer met verborgen deuren en kluisjes, die verschillende interpretaties liet zien van het thema van het paviljoen: 'Work, Body, Leisure'. De strakke indeling van de kluisjes weerspiegelt het streng gereguleerde hedendaagse landschap, en werpt daarmee de vraag op of er vandaag de dag nog wel ergens FREESPACE te vinden is.

    Bij de volgende presentatie liet Jeffrey Bolhuis zien hoe het Ierse paviljoen een marktplein heeft nagebootst, dat zo kenmerkend is voor steden op het Ierse platteland. De installatie zal na de Biënnale naar Ierland worden overgebracht, waar deze aandacht zal blijven vragen voor de aard en noodzaak van sociale cohesie, die hier is verwezenlijkt in een marktplein. Het team van Turkse curatoren besloot om hun paviljoen in te richten als locatie voor een 'mondiale masterclass'. Ze nodigden studenten en professionals uit om tijdens workshops op locatie een bijdrage aan het paviljoen te leveren. Tot slot presenteerde Michelle Provoost de installatie van Crimson Architectural Historians over The City of Comings and Goings. Via verschillende media werd in deze installatie het actuele thema van migratie in al zijn facetten gepresenteerd: niet alleen vluchtelingen, maar ook expats, tijdelijke arbeidskrachten en verschillende soorten reizigers. De installatie laat het effect op onze steden zien van deze geregeld verhuizende groepen mensen. De installatie bestaat onder andere uit een beeld van een fictieve stad in de stijl van Saul Steinberg, een Nolli-kaart van de openbare ruimten die verband houden met migratie, en zes stellingen over migratie (een verwijzing naar de oorspronkelijke stellingen die door Luther aan de kerkdeur waren opgehangen).

    'natievorming' en de rol van de architectuur
    Uit een aantal vragen tijdens de discussie kwam het ongemak naar voren met de kwestie van 'natievorming' en de rol van de architectuur ten opzichte van politieke en institutionele structuren. Uit de discussie bleek hoe moeilijk het nog altijd voor Europa is om nationale identiteiten achter zich te laten. Dit is visueel verbeeld in het project 'Europa' van het Central Office for Architecture and Urbanism. Deze lichtvoetige installatie aan de gevels van de naast elkaar gelegen paviljoens van Spanje, België en Nederland bestaat uit het woord 'Europa' dat over de namen van de individuele landen heen is aangebracht in neonletters in de kleuren van de vlag van ieder land. In de discussie kwam zowel de noodzaak van meer collectieve maatregelen naar voren als een algemene weerzin tegen het hele idee van natievorming. Eén iemand uit het publiek vroeg zich af of het creëren van nieuwe structuren, zoals de 'metanatie' van Traumnovelle, wel het antwoord was op de identiteitscrisis van Europa, ook al waren deze termen neutraler. Léone Drapeaud zei hierop dat 'natievorming' in hun voorstel niet in traditionele zin moest worden opgevat, maar meer als een soort platform waarbij de nadruk lag op gemeenschappelijke doelen en maatregelen.

  • een andere benadering van het sociaalpolitieke
    Naast de belangrijke politieke zorgen die in de discussie naar voren kwamen, is er ook een onderstroom van maatschappelijke bezorgdheid die dwars door alle politieke scheidslijnen en landsgrenzen heen loopt. Wat de bijdragen verbindt, is een demonstratie van de hedendaagse omstandigheden die al deze groepen waarnemen in de stad van vandaag – niet weergegeven in aantallen of dataverzamelingen, maar vervat in symbolen, in materialen, in ruimten en zelfs in dans. De tastbare individuele ervaring, de subjectieve observaties en de manier waarop deze objecten, beelden en uitvoeringen de toeschouwer aanzetten om na te denken en zijn eigen conclusies te trekken, schetsen een andere vorm van betrokkenheid bij het sociaalpolitieke domein. Het betekent een breuk met de klinische, wetenschappelijke vorm van observatie, maar is geen verschansing in de puur persoonlijke sfeer. In plaats daarvan pleit het voor debat en dialoog.

    Wat opvallend was, was dat alle bijdragen die op deze avond werden gepresenteerd, afkomstig waren van multidisciplinaire teams. Dit zouden wel eens de nieuwe contouren van de toekomst van de architect kunnen zijn: het mythische (mannelijke) genie zal plaats moeten maken voor een netwerk van 'reflective practitioners'. De bijdragen waren divers, maar vormden toch een eenheid door hun gemeenschappelijke invalshoeken. Er zijn drie combinaties in het programma met een duidelijk onderscheiden gemeenschappelijke interesse. De twee paviljoens die het eenvoudigst in één enkel beeld waren weer te geven, een blauwe tribune (België) en een oranje kleedkamer (Nederland), nodigden duidelijk uit tot onverwachte interventies van hun bezoekers. De twee paviljoens die de Biënnale expliciet beschouwden als een proces in de tijd (Turkije en Ierland) laten zien hoe de feitelijke bouw en tentoonstelling van architectuur maar een moment in een traject van sociale en ruimtelijke configuraties vertegenwoordigt. En tot slot toont de assemblage van symbolische en artistieke expressies die samenkomen in de dansuitvoering en de verschillende media van de City of Comings and Goings hoe de materiële en zelfs vluchtige kristallisatie van collectieve ideeën een blijvend effect op onze steden en onze verbeelding kunnen hebben.